Daar zit ik dan in de auto. File. Natuurlijk houd ik daar meestal wel rekening mee, maar dit keer zat het echt tegen. Zoveel verkeer dat mijn geplande boodschapjes er even bij inschoten. Dus besluit ik eerst naar de sluis te rijden. Even alles in werking zetten, en dan nog snel terug naar de winkel.
Op de sluis open ik het bedieningspaneel en sluit het nachtluchtluik – dat ’s nachts open staat voor de vissen. De lichten zet ik op enkel rood, zodat het vaarverkeer weet dat de sluis actief is. Ik leg snel een tas binnen en spring weer in de auto om richting supermarkt te rijden. Daar scoor ik een broodje, wat drinken en iets makkelijks voor het avondeten. Klaar voor de rest van de dag.
Als ik terugkom bij de sluis, zie ik dat er een auto van de gemeente staat. Toch rijd ik even door om mijn auto op mijn vaste plek te zetten. Tijdens het parkeren zie ik dat de man van de gemeente wat twijfelend rondloopt. Wanneer hij ziet dat ik bij de sluis hoor, gebaart hij naar me. Ik gebaar terug dat ik eraan kom, pak nog snel mijn boodschappen en loop naar hem toe.
Hij vertelt dat hij iets moet doen bij het bedieningspaneel, maar zijn werksleutel is leeg. Ik moet lachen, wissel sleutels met hem en leg de zijne even aan de lader. Zo kan hij straks weer verder naar zijn volgende klus. Als hij klaar is, halen we onze sleutels weer om, we wensen elkaar een fijne dag, en hij vertrekt.
Even later krijg ik een appje:
“Hey sluiswachter, ben je aan het werk?”
“Jazeker,” antwoord ik, “ik zit vandaag op deze sluis.”
“Leuk, dan komen we even kijken!”
“Jullie zijn welkom!”
Niet veel later zie ik twee nieuwsgierige koppies om het hoekje van het sluiswachtershuisje verschijnen: mijn broer en schoonzus. Ze komen even gluren. “Het is niet groot hier,” zeg ik lachend, “maar alles wat ik nodig heb, zit erin.” Ik laat ze ook even de werking van de sluis zien, open en sluit de deur om te laten zien hoe dit werkt. Als we weer terug willen lopen komt er een bootje aan.
“Nou,” zeg ik, “jullie hebben geluk, nu kunnen jullie het echte werk zien!”
De opvarenden rommelen wat bij het aanleggen, dus ik vraag of alles goed gaat. “Ja hoor,” zegt de schipper, “ze moet het leren, dit is haar eerste keer.”
Als ik ze naar beneden geschut heb, open ik de sluisdeur en zeg met een knipoog: “Ze is geslaagd!”
Met een grote glimlach en een vriendelijke zwaai varen ze verder. Mijn broer en schoonzus lachen mee en nemen ook weer afscheid.
Niet veel later zie ik iets wits onder de brug doorkomen. Ik loop alvast naar het bedieningspaneel om de sluis klaar te maken. Als het bootje binnenvaart, valt mijn mond bijna open. Wat een plaatje!
De schipper vertelt trots dat het een boot is van vóór de Tweede Wereldoorlog. Echt prachtig. Tijdloos. Ik bekijk de boot uitgebreid terwijl ik schut, en weet zeker: dit is een van de mooiste die ik hier heb mogen verwelkomen. Hier vind je een link naar deze mooie boot: Link
De dag vliegt voorbij. Voor ik het weet, is het tijd om af te sluiten. Sluis dicht, licht uit, en weer naar huis. Een dag vol vertraging, spontane bezoekjes en onverwachte ontmoetingen – precies zoals ik het stiekem het leukst vind.
Wat was de mooiste of meest bijzondere boot die jij ooit hebt gezien – op het water, in een haven, of misschien op vakantie? Laat het me weten in de reacties!

